dinsdag 18 mei 2010

CREG "laakt de kwalijke gevolgen van de wetgeving" over de distributienettarieven

In een opmerkelijk (maar daarom niet minder terecht) persbericht van vandaag reageert de CREG op de tariefverhogingen voor de distributie van elektriciteit en gas en laakt zij de kwalijke gevolgen van de wetgeving.

De CREG voorspelt dat de distributienettarieven, die tussen 2007 en 2009 al gestegen zijn met 35% voor elektriciteit en 28% voor aardgas, nog zullen stijgen door de huidige wetgeving over die tarieven.

De oorzaak van die stijging ligt hem in de regeling rond de saldi van de beheersbare en niet-beheersbare kosten.

Artikel 12octies, § 10, Elektriciteitswet en artikel 15/5decies, § 11, Gaswet bepalen dat op het einde van iedere regulatoire periode van vier jaar, de DNB "het saldo (positief of negatief) bepaalt tussen de kosten en de ontvangsten die opgelopen en geboekt zijn door de netbeheerder tijdens de regulatoire periode, voor zover dit saldo voortvloeit uit een verschil, tussen de reële niet-beheersbare kosten die opgelopen zijn door de netbeheerder en de geraamde niet-beheersbare kosten, en/of uit een verschil tussen de reële verkoopsvolumes en de geraamde verkoopsvolumes van de netbeheerder". De verdeling van dit saldo wordt bepaald bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.

In de koninklijke besluiten van 2 september 2008 over de distributienettarieven is bepaald dat het saldo tussen de reële niet-beheersbare kosten en de geraamde niet-beheersbare kosten een vordering dan wel een schuld vormen tegenover de afnemers in hun geheel. Het saldo tussen de reële beheersbare kosten en de geraamde beheersbare kosten wordt "integraal toegeschreven aan de netbeheerder".

Wat beheersbare en niet-beheersbare kosten zijn is niet zo duidelijk. In de parlementaire voorbereiding van de wet van 1 juni 2005 verklaarde de minister van energie dat beheersbare kosten die kosten zijn waartegen de beheerder kan optreden (bv. werkmethoden en opleiding van personeel). Voor die beheersbare kosten is het volgens de minister logisch dat de bonus naar de beheerder gaat omdat die bonus afhangt van zijn eigen handelen. Niet-beheersbare kosten zijn kosten waaraan de beheerder niets kan veranderen. Dat saldo moet gedragen worden door de afnemers.

Uit de voorlopige rapporten van de CREG blijkt dat

de DNB’s samen positieve saldi op de ‘beheersbare’ kosten rapporteren van respectievelijk € 28,1 miljoen voor de distributie van elektriciteit en € 15,8 miljoen voor de distributie van gas. Ze rapporteren daarentegen negatieve saldi op de ‘niet-beheersbare’ kosten van respectievelijk € 224,8 miljoen voor elektriciteit en € 30 miljoen voor gas, met inbegrip van respectievelijk € 73,7 miljoen en € 7,8 miljoen die te wijten zijn aan de daling van de verdeelde volumes elektriciteit en gas als gevolg van de economische crisis.
Hoewel ik geen tarievenspecialist ben, doen die cijfers toch vragen rijzen. Hoe kan het dat distributienetbeheerders in één jaar tijd een positief saldo aan beheersbare kosten hebben kunnen boeken van samen 33 miljoen euro. Betekent dit niet dat de distributienetbeheerders die kosten zeer ruim begroot hebben?
Share/Bookmark

Geen opmerkingen:

Een reactie posten